Uit ons nieuwsoverzicht:

Uit de Spaanse lock-down

Intelligent of niet, de Nederlandse lock-down biedt ons nog redelijk veel bewegingsvrijheid. Hoe anders is dat in Spanje. Iemand die daar uit eerste hand over kan vertellen is ons erelid Emile van Swelm. Hij en zijn vrouw Judith zijn eind april teruggekeerd in Nederland na een kleine twee maanden in Spaanse quarantaine.

“De situatie in Nederland is absoluut niet te vergelijken met Spanje. Daar mag je echt alleen de straat op om boodschappen te doen. Alleen. Om toch wat lichaamsbeweging te krijgen, deden Judith en ik allebei een deel van de boodschappen. Denk niet dat je daar een uitgebreide wandeling van kon maken, want de controles zijn behoorlijk streng. Zonder reden de deur uit is streng verboden. Zelfs met z’n tweeën in de auto is niet toegestaan. Sowieso mag je de auto alleen gebruiken voor boodschappen of werk.”

“Je mag zelfs niet met z’n tweeën in de gemeenschappelijke tuin zitten, wel op je eigen balkon (zie foto). Toen ik bij de voordeur van ons appartementencomplex met iemand op gepaste afstand stond te praten, waarschuwde de conciërge ‘Emilio, cinco minutos’. De maatregelen worden in Spanje overigens goed nageleefd. Dat zal te maken hebben met de hoge boetes, maar misschien is deze discipline ook een overblijfsel uit de Franco-tijd.”

“Voor Judith en mijzelf was het niet altijd even gemakkelijk, maar wij wonen gelukkig vrij comfortabel. Stel je nou eens voor dat je met een gezin met een paar kinderen in een klein appartementje zonder balkon woont, terwijl de ouders thuis zitten, omdat ze geen essentieel beroep uitoefenen. Met die mensen heb ik echt te doen.”

“Toch hebben wij op een gegeven moment besloten terug te gaan naar Nederland. Wij wilden niet het risico lopen in een Spaans ziekenhuis terecht te komen, want die cinco minutos van de conciërge begrijp ik nog wel, maar in een Spaans ziekenhuis… Om in de auto te kunnen stappen – vliegen is in deze tijd sowieso geen optie – hadden we papieren van de Nederlandse ambassades in Spanje, Frankrijk en België nodig om in die landen onderweg te zijn. Zelfs de route lag min of meer vast, want je mag alleen via de kortste route het land door, omwegen of sightseeing zijn niet toegestaan. Vanaf het moment dat we besloten te vertrekken totdat het papierwerk rond was, duurde ongeveer een week.”

“Met de benodigde papieren mochten we wel samen in de auto en konden we vertrekken. We zijn de eerste dag van Alicante naar Saint-Jean-de-Luz in Zuidwest-Frankrijk gereden. In het hotel daar hebben we voor de volgende nacht een B&B in de buurt van Orléans geboekt, maar daar aangekomen bleek de eigenaresse zich te hebben bedacht. We zijn toen alsnog in één keer doorgereden naar Utrecht, een lange rit van 1.300 kilometer. En hier zijn we dan. Ik verwacht eerlijk gezegd niet dat we voor september al weer terug kunnen naar Alicante. Maar mocht de sociëteit binnenkort weer voorzichtig de deuren openen, dan weet u waar u mij kunt vinden.”

Tekst: Hans-Peter Lassche