Uit ons nieuwsoverzicht:

Pas op voor de Frankenstaat!

Deze waarschuwing kwam van onze gast, Jenne Jan Holtland, Oost-Europacorrespondent voor de Volkskrant met als standplaats Warschau. Dertig jaar na de val van de Muur en de ineenstorting van het communisme in Oost-Europa zijn er in een aantal voormalige Oostbloklanden verontrustende ontwikkelingen gaande.

Wereldwijd loopt het aantal goed functionerende democratieën terug, maar niet, zoals in het verleden door tanks, maar door wetten. Gekozen leiders gebruiken wetten en regelgeving om de democratie langzaam uit te hollen. Rusland en Turkije zijn voor de hand liggende voorbeelden, maar inmiddels is ook de EU hier niet langer immuun voor.

Holtland heeft het dan natuurlijk over Polen en Hongarije. Hij heeft dit proces ontleed en geanalyseerd en onderscheidt zeven stappen om te komen tot een Frankenstaat. Zorgwekkend is dat het om een sluipend proces in een democratisch aandoend jasje gaat.

Stap 1 is het aantasten van de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, waarbij benoemingsprocedures worden veranderd of rechters massaal met pensioen worden gestuurd. En natuurlijk kan het nooit kwaad om de rechterlijke macht af te schilderen als een wereldvreemde elite die niet weet wat er in de wereld speelt, of dat niet wil weten.

Een volgende stap is het onder controle brengen van publieke media. Wie betaalt bepaalt, is het motto. Zeker buiten de grote steden hebben mensen vaak alleen toegang tot publieke media. Het zal daarom geen verbazing wekken dat Poetin op het Russische platteland massale steun geniet. Veel meer dan in Moskou en St. Petersburg waar ook commerciële media actief zijn. Overigens hebben commerciële media het in sommige Frankenstaten-in-aanbouw het ook steeds moeilijker. Een flinke belastingclaim doet wonderen.

Stap 3: verleid de kiezer. De zittende regering in Polen stelt dat “1989” verraden is door de oppositie. Er heeft nooit een bijltjesdag plaatsgevonden waardoor de gevestigde belangen van voor 1989 onder het mom van democratie in stand worden gehouden. Zowel in Hongarije als in Polen wordt de oppositie afgeschilderd als erfgenaam van het communistische verleden.

We komen zo vanzelf bij stap 4, namelijk: creëer een vijand. Dat zijn de oude machthebbers, maar mocht dat wat sleets worden, al is het maar omdat de echte machthebbers uit die tijd of dood of (hoog)bejaard zijn, dan werkt een vijand van buiten ook prima. In Hongarije is (de van geboorte Hongaarse) George Soros de laatste jaren een favoriete zondebok: een vertegenwoordiger van het internationale grootkapitaal die zich met interne Hongaarse zaken bemoeit. En anders zijn er altijd nog de EU en Rusland als potentieel gevaar.

Leiders van Frankenstaten zijn over het algemeen geen liefhebbers van (electorale) verrassingen. Oplossing? Stap 5: verander de kieswet. Veel Oost-Europese landen voerden na 1989 een evenredig kiesstelsel in, maar om een riante meerderheid te consolideren blijkt een vorm van districtenstelsel aanzienlijk beter te werken. Dan komt zelfs een twee derde meerderheid – vaak nodig om de grondwet te wijzigen – binnen bereik met minder dan de helft van de stemmen. Als een land al een districtenstelsel heeft, is het opnieuw trekken van de grenzen van kiesdistricten een beproefd middel. Natuurlijk zijn er ook goed functionerende democratieën waar het percentage stemmen niet overeenkomt met het aantal parlementszetels, maar deze systemen zijn meestal historisch zo gegroeid.

Stap 6: omring je met juristen. Juristen zijn handig om de stappen hierboven te verdedigen. Zij kennen de wettelijke mogelijkheden en de mazen in de wet. Door hun gezag werkt hun oordeel legitimerend.

Voor de EU-lidstaten Hongarije en Polen is stap 7 van groot belang: wees de EU te slim af. Creëer sluipenderwijs voldongen feiten. De afzonderlijke stappen zijn meestal niet voldoende om Europa in beweging te brengen. Als de EU wel ingrijpt, is het kwaad al geschiedt.

Hoe dit alles gaat aflopen? De tijd zal het leren. Dankzij Jenne Jan Holtland hebben we wel een nuttig instrument in handen om dubieuze ontwikkelingen, ook in andere landen, te herkennen en te duiden.

Tekst en foto: Hans-Peter Lassche